Pseudotropheus johannii (ECCLES, 1973)

Tekst: Johan Verheesen - foto: Johan Verheesen  
Etymologie: 

Pseudo = onechte tropheus (naar de Tropheus soorten uit het Tanganyika meer), chromis = vis, johannii ter ere van de inlandse visser John James  

Referentie: 

Maréchal, C.1991. (Ref. 5663)  

Literatuur: 

Literatuur: Ad Koning, Malawi cichliden in hun natuurlijke omgeving 1e druk. Ad Konings, Back to Nature Gids voor Malawi cichliden 2e oplage. Søren Neergaard,,  Malawi cichliden.  

Beschrijving: 

Het mannetje bereikt een lengte van 10cm, het vrouwtje een lengte van 8 cm. De mannetjes hebben een egaal zwarte ondergrond met twee lichtblauwe strepen langs de flanken. Op de kop vind je dezelfde lichtblauwe strepen terug, één boven de ogen en één op gelijke hoogte met de ogen. De rugvin is zwart met een al of niet onderbroken lichtblauwe streep en witte vinstraaluiteinden. De staartvin is zwart met lichtblauwe strepen in de lengte. De buikvinnen zijn zwart met een blauwe rand en de aarsvin is zwart met een blauwe zoom en gele eiervlekken. De vrouwtjes hebben een oranje-gele kleur met een onduidelijk spoor van een donkere band en een lichtblauwe band over de flank. De rugvin is voorzien van een onduidelijk spoor van een donkere band met daarboven een lichtblauwe rand bij de vinstraaluiteinden.  

Herkomst: 
Malawimeer  
Verspreiding: 

Wordt aangetroffen aan de oostkust tussen Makanjila Point en Metangula, in het overgangsbiotoop.  

Gedrag: 

Deze Mbuna is een veel vredelievender vertegenwoordiger van het geslacht Pseudotropheus. De mannetjes onderling zijn nauwelijks territoriaal, mits het aquarium voldoende groot is. Het is aan te raden om meerdere vrouwtjes te houden op één man. Is zeer verdraagzaam ten opzichte van andere medebewoners. Dit is zeker een goede vis om als beginnende cichlidenliefhebber mee te starten.  

Voedsel: 

Eet van de Aufwuchs die de rotsen bedekt en ook van het plankton in het open water. In het aquarium dient men rekening te houden met een vooral groen dieet. Spirulina leent zich hier prima voor. Een stukje komkommer wordt ook als welkome snack gezien. Als bijvoer kan ook cyclops, mysis en krill gegeven worden. Let op met eiwitrijk voedsel.  

Kweek: 

Erg makkelijk. In het aquarium kan de soort op elke willekeurige plaats afzetten. In de natuur graven de mannetjes meestal een nest onder een steen. De muilbroedende vrouwtjes doen nauwelijks moeite zich te verschuilen, anders dan bij andere Mbuna’s. De legsels zijn zo’n 25 a 30 eieren.  

Aquarium: 

Een minimumlengte van 100cm en een minimale inhoud van 160 liter met enkele rotspartijen.

Stoplicht: 
Groen
Herkomstgebied: