Over de geslachten van Centraal-Amerikaanse cichliden

Evolutiebiologen kijken met andere ogen naar de Neotropische cichliden dan aquariumhouders dat plegen te doen. Terwijl cichlidenliefhebbers met veel waardering spreken over de schoonheid van discussen en maanvissen en er Zuid-Amerikaanse dwergcichliden rondzwemmen in talloze aquaria, zorgen deze vissen bij biologen niet voor veel gespreksstof. Kennelijk kunnen schoonheid en geschiktheid als siervis niet worden aangemerkt als evolutionaire verworvenheden en datzelfde geldt in belangrijke mate voor vormverscheidenheid.  Wie een discusvis vergelijkt met bepaalde vertegenwoordigers van het geslacht Crenicichla moet welhaast onder de indruk raken van de verschillen in lichaamsbouw, maar welke evolutionaire betekenis daaraan kan worden toegekend is moeilijk vast te stellen. In de grote meren van Oost-Afrika, de evolutionaire hoogburchten van de cichliden, komen dergelijke uitzonderlijke  vormen niet voor, hetgeen een beetje vreemd is. Bovendien roepen opvallende dieren heel gemakkelijk lastig te beantwoorden vragen op. Zo is het voor onderzoekers die in detail willen  treden niet eenvoudig om uit te leggen hoe de discusen en de maanvissen door de laatste IJstijd gekomen zijn. Dat is in feite nodig omdat iedereen zich realiseert dat deze vissen dat in een soortvreemde hoedanigheid gedaan moeten hebben.
Helaas, niemand weet welke.

Het hele artikel is te lezen als je ingelogd bent

Herkomstgebied: 
Algemeen: